U bevindt zich in de rubriek "Visverslagen"

Vier man sterk naar de Saône

Vorig jaar hebben Ferry, Jaco en Eelco een hele leuke sessie beleefd aan de Saône. Dit jaar zijn we in wederom terug gaan. Ditmaal met z'n vieren want ook Jetse, de vader van Ferry, wilde wel eens een meerval vangen.

Omdat we met z'n vieren zijn en dus meer spullen mee nemen regelt Jaco op z'n werk een busje. Het is woensdagavond 19 mei als Jaco Hensen (geen familie) me ophaalt in een wel heel grote auto, een vrijwel nieuwe Mercedes Sprinter 513. Zeg maar een XXXL bus. Achterin een zee aan ruimte en voorin 6 zitplaatsen. Ideaal en er zit ook nog een dvd speler in. Zo gek veel visspullen nemen we beide niet mee, dus nadat we de boot hebben aangekoppeld rijden we even later naar Veenendaal waar we Jetse en Ferry Reijenga ophalen. Daar blijkt dat een ruime bus geen overbodige luxe is. De Veenendalers hebben lauw-bier-vrees en staan met visspullen en meerdere grote tot zéér grote koelboxen al op ons te wachten. Toppunt is een nauwelijks te tillen koelbox van 114 liter die bijna geheel is gevuld met brokken ijs. "Dan blijft het bier gegarandeerd 4 dagen koel". Maar goed, alles past in de bus en we vertrekken richting het zuiden. Jaco is het rijden in zo'n grote wagen met aanhanger gewend en rijdt de heen- en terugweg.

De volgende ochtend arriveren we bij één van de vele trailerhelling langs de Saône. In Nederland moet je dit soort goed onderhouden hellingen zoeken met een vergrootglas en je betaalt minimaal 10-12 euro. In Frankrijk vindt je in ieder gehucht meerdere van dit soort gratis hellingen. Voordat we traileren laden we eerst de bus uit. Een aantal passanten kijkt, heel begrijpelijk, nogal verbaasd naar alle spullen die we meeslepen om een paar dagen te vissen...

We hebben zoveel bagage dat we meerdere keren op en neer moeten varen. Als de Marcraft volgeladen is zoeken Jaco en ik (Eelco) naar een plek waar we ons kamp kunnen opzetten. Ik heb een nieuwe plek in gedachte waarvan ik denk dat we er prima met vier man kunnen zitten. Als we er aankomen staat het onkruid ongeveer 1,5 meter hoog en het riet wel 3 meter. Jaco kan zich er niks bij voorstellen om daar te gaan zitten. Na een half uurtje maaien met met een hengelsteunen ontstaat een mooie ruime plek in de wildernis. Ferry is inmiddels ook gearriveerd in zijn Zodiac en samen met Jaco zet hij alvast de tenten op terwijl ik Jetse en het restant van de bagage ga ophalen.

Aan het eind van de middag maken we tenslotte de hengels klaar en voorzien ze van een Helmondse giebels (bedankt Bas!). Twee hengels vissen we met breeklijn aan takken en zes hengels vissen we met onderwaterdobbers. De eerste avond krijgen we acht aanbeten maar of de meervallen laten los of de breeklijn gaat niet kapot. Kleine meervallen dus. Vooral vermoeiend voor Jetse. Hij is nog een groentje op meervalgebied en daarom is de eerste aanbeet voor hem. Jetse is fanatiek karpervisser en bij het geringste piepje staat hij al naast de hengel. Pas in de vroege ochtend komt de bevrijdende aanbeet op één van mijn hengels. De giebel is op een meter of 150 stroomopwaarts van ons kamp gepakt door een meerval en die sleurt vervolgens vele meters lijn van de baitrunner. Omdat Jetse nog diep slaapt laat ik de lijn straklopen waardoor de cirkelhook zich kan vastzetten. Dan komt Jetse aanlopen en neemt de hengel van me over. Even later weet Ferry de eerste meerval van de trip te landen. 163cm is zeker geen slecht begin. Zoals verwacht zit de cirkelhook mooi voorin de bek.

Het plan is om overdag met de boten te driften. Vandaag (vrijdag) gaat dat zeker niet lukken. Er staat een erg harde wind. Daarom blijven we gewoon bij de tenten en vissen statisch. Jaco vangt ondertussen een paar kopvoorns. Eén van die kopvoorns gaat direct als aasvis te water. Vroeg in de avond krijgt Jaco al een aanbeet op de kopvoorn en hij vangt een meerval van net over de meter. Even later volgen nog een aantal aanbeten. Ik weet nog een zware vis te haken die helaas wordt verspeeld in een tak op de bodem. Rond een uur of 21 is het helemaal gebeurd met de aanbeten.

Aan de op de waterlijn geplaatste bankstick lezen we de volgende ochtend af dat het waterpeil die nacht zo'n 40cm is gedaald. Pas rond een uur of 9 begint het wat te stromen. Even later krijg ik een aanbeet en weet mijn eerste van de trip te vangen, 106cm.

Driften met aasvissen en kunstaas levert die middag niks op. Jaco en Ferry gaan een stukje verderop proberen om blackbass of kopvoorn te vangen. Nog geen twee uur later belt Jaco al op dat ze de emmer vol hebben. En inderdaad, bij terugkomst zien we dat ze zo'n 50 dwergmeervallen hebben gevangen, variërend van 12 tot 30cm. Er lag een jacht aan de kant waarvan men een pan nasi overboord hadden gekieperd. Dwergmeervallen (niet te verwarren met europese meervallen) zijn veelvraten en zijn massaal op het eten afgekomen. De grootste dwergmeervallen worden meteen ingezet als aasvis. NB. dwergmeervallen zijn ongewenst in Frankrijk. Als je ze vangt mag je ze niet terug zetten. Na terugkomst in Nederland heb ik mijn vergunning nog eens doorgelezen en je mag dwergmeervallen ook niet gebruiken als levend aas. Dus iets om rekening mee te houden de volgende keer. 

Einde van de middag is het al raak op de dwergmeervallen. Jetse en Ferry vangen beide een meerval van 106 en 110cm. In de avond volgen nog een paar aanbeten. Eigenlijk vangen we iedere dag wel 2 tot 4 meervallen alleen blijft het formaat hopeloos achter. De vissen zijn veelal tussen de 85 en 120cm. Alleen de laatste dag vangt Jetse er nog een mooie van 155cm. Ook vangen we overdag nog de nodige dwergmeervallen en kopvoorns. Verder wordt het alleen maar warmer.

Omdat we regelmatig een aanbeet krijgen ( ik schat dat we zo'n 40 aanbeten hebben gehad), hebben we volop de mogelijkheid wat nieuwe dingen uit te proberen. De nieuwe Taffi beetmelders zijn oa. getest. Alle vier zijn we vol lof over deze apparaten. Ik heb ze gewoon op de hengel geklikt en dat geeft een heel zuivere beetmelding. We hebben geen last gehad van de harde wind, alleen een paar vleermuizen die meerdere keren tegen de lijn aan komen. Je kan ze bijvoorbeeld ook op je hengelsteun plaatsen. De beetmelder werkt op trillingen, dus moet de steun niet al te vast in de grond staan.

Ook is mijn nieuwe FMS hengelsteun voor het eerst ingezet. Ook die is heel goed, al moet ik er wel bij zeggen dat ik alleen statisch met optonics en molens op vrijloop gevist heb. Gewone simpele banksticks voldoen eigenlijk altijd wel maar met deze luxe steun heb je veel meer mogelijkheden. De RVS klemmen zijn misschien even wat lastiger met het oppakken van de hengel maar ik zou ze niet meer willen missen.

Deze trip hebben we op toplood na nauwelijks nog met bodemlood gevist. Voor bodemverankering hebben we ditmaal stenen gebruikt en een 30/00 nylon breeklijn van zo'n 30cm lengte. Ook dit werkt subliem. De kans dat je tijdens de dril vastlopen in bomen of takken is vele malen kleiner en je beleefd meer plezier tijdens het drillen. Je hoeft immers geen 400 gram lood binnen te takelen.

Ongeveer de helft van de aanbeten kregen we op de hengels met breeklijn. De vissen die we op die montage hebben gevangen hadden de enkele haak allemaal diep geslikt, terwijl de haak direct na de aanbeet prikt. Ook misten en verspeelden we de nodige vissen op deze montage. Van de vissen die we vingen op de onderwaterdobber met cirkelhook had niet één meerval de haak geslikt. Slechts één vis werd verspeeld. Deze meerval zwom zich vast in takken. Dus zeker iets om rekening mee te houden.

Onderstaande foto geeft mooi weer hoe een cirkelhook zich vastzet. De haak op de foto zit nog vrij diep. Even ter vergelijking, de afstand van duim tot haak is 4 tot 5 cm.

We hebben weer een geweldige trip achter ons, fantastisch weer gehad, veel plezier en ik meen een stuk of 13 vissen gevangen. Je zult begrijpen dat de meervaltrip voor 2011 alweer vast staat.

Eelco Hensen